Vleermuizen op hoogte

Afgelopen maanden ben ik bezig met vleermuizen luisteren op 100 meter hoog. Niet zelf natuurlijk: aan een heel stabiele vlieger (waarmee ik ook luchtfoto’s maak) laat ik mijn kostbare vleermuisdetector plus opnameapparaat op. De vleermuisdetector neemt automatisch de vertraagde ultrasone geluiden op. 

Waarom doe ik dat? Er zijn allerlei zichtwaarnemingen van vleermuizen die op grote hoogte vliegen, met name tijdens de trektijd, maar op die hoogte werkt de normale methode, luisteren met een ultrasoondetector met de voeten op de grond, niet. Je kunt de meeste echolocatie-geluiden niet van een grotere afstand dan 30 meter horen. Alles wat hoger vliegt, mis je zo dus. Meer te weten komen van die hoog overtrekkende vleermuizen is niet alleen bere-interessant, maar ook belangrijk voor bescherming: denk bijvoorbeeld aan de bouw van windmolenparken. Die zetten de eigenaren niet graag op drukke trekroutes, maar die moeten dan wel in kaart gebracht.

Wezels vangen

Afgelopen weekend was ik een dagje bezig met wezels vangen, met de Werkgroep Kleine Marterachtigen van de Zoogdiervereniging. Helaas geen vangsten, wel meer goede ideeën.

We maken ons al een tijd je zorgen over wezel, hermelijn en bunzing:  ze lijken steeds schaarser te worden, maar de redenen daarvoor zijn lastig te onderzoeken. Deze veldproef is onderdeel van een stel proeven om inventarisatiemethoden te optimaliseren. We vergelijken (aangepaste) cameravallen, lifetraps, en sporenbuizen. Resultaten volgen deze zomer.

Luister intussen naar deze rapportage bij Vroege vogels.

Artikel: herstel konijnenstand blijft uit in duinbossen

De virusziekte Viraal Haemorrhagisch Syndroom (VHS) heeft in de jaren negentig flink huisgehouden onder konijnen. De laatste jaren gaat de konijnenstand in duingraslanden weer vooruit, waarschijnlijk doordat er resistentie tegen de ziekte is ontstaan. Gek genoeg blijft herstel in duinbossen echter vrijwel uit, schrijven medewerkers van het CBS en de Zoogdiervereniging in een recent nummer van Wildlife Research.

Continue reading “Artikel: herstel konijnenstand blijft uit in duinbossen”

Vleermuizenkast in moestuin

Vleermuiskasten timmeren, ophangen en controleren zijn leuke en laagdrempelige manieren om aan vleermuiswerk te doen. Het kostte dan ook weinig moeite om een in mijn moestuin-club, de Tuinbouwvereniging Elderveld, een vleermuiskasten-werkgroepje te vormen. Komende winter komen er 25 kasten van verschillende typen op onze 2.7 hectare. Daarmee willen we de vleermuizen in de wijk en in de tuin een steuntje in de rug geven.

Continue reading “Vleermuizenkast in moestuin”

Statistiek met R

Vorige week besteedde ik een avond aan de statistische analyse van worpgrootte van boommarters, muizen en mast, voor een van de leden van de boommarterwerkgroep (artikel verschijnt volgend jaar in Lutra). In het begin van mijn carriere deed ik dat met SPSS, daarna met SAS, maar ik ben al een jaar of 5 fanatiek gebruiker van statistiekpakket R. Waarom R? Continue reading “Statistiek met R”

Archief Leo Bels

Leo Bels is een vleermuisonderzoeker die in de jaren 1940 en 1950 actief was. Hij deed onderzoek aan rosse vleermuizen, maar ringde ook duizenden vleermuizen in de mergelgroeven in Limburg. Zijn archief, van veldboekjes, ringadministratie en correspondentie is ondergebracht bij Nationaal Historisch Museum Naturalis.

Recent mocht ik daar een uurtje neuzen, op zoek naar de correspondentie bij een fascinerende terugmelding van een geringde ingekorven vleermuis. Die melding kwamen Johannes Regelink en ik tegen, toen we het hoofdstuk over die soort schreven voor de Limburgse Zoogdierenatlas. De melding in kwestie kwam uit Geleen, het archiefkaartje van Bels sprak over “enige honderden dieren onder de steenen trap, ook M. myotis” in ‘de’ kerk van Geleen.

Honderden dieren, dat klinkt als een zomerkolonie! En dat is bijzonder, want uit die periode is nauwelijks iets bekend over de zomerverspreiding van vleermuizen. Maar welke kerk ging het nu om? In Geleen en omgeving waren er toen minstens drie!

Het archief is bijzonder goed op orde, en ik had dan ook na 5 minuten de brief van de inzender al gevonden, plus het antwoord van een van de collega’s van Bels. Inderdaad rond de 200 dieren, waaronder maar liefst 3 geringde dieren. Helaas noemde men ook in de brief de naam van de kerk niet. Dus we speuren door…